categorie-archief: woordkeuze

Gebundelde kracht

Aanzetten, inzetten, opzetten, aanbellen, inbellen en opbellen. Het zijn voorbeelden van scheidbare werkwoorden. Het Nederlands kent heel veel van dit soort woorden. Wat mij bij de revisie van mijn eigen vertaalwerk opvalt, is dat ik ze in eerste instantie vaak splits en bij de revisie juist weer samenvoeg. Bijvoorbeeld in heb gezet wordt heb ingezet en aan heb gebeld wordt heb aangebeld. Hoe komt dat? Is de ene vorm dan fout en de andere niet?

lees verder

Gastcolumn: Episch

Termen uit de natuurwetenschappen worden regelmatig als metaforen gebruikt. Maar vaak is de gebruiker zich niet bewust van de oorspronkelijke betekenis van die termen, die soms nogal verschilt van de metaforische betekenis. Gastcolumnist Jan Klerkx geeft enkele voorbeelden van zulke ‘misbruikte’ natuurwetenschappelijke termen.

lees verder

Nepvlees

In deze laatste Taalpraat van dit seizoen aandacht voor een kort artikel in de Volkskrant van 29 mei. De titel boven het stuk: “Zandbergen gaat in nepvlees”. Misschien vindt u gaat in al vreemd, maar waarom staat er nepvlees? En niet alleen in de titel. Ook in het artikel zelf staat het woord twee keer. Is dat niet opvallend? Wat wil Pieter Hotse Smit, de schrijver van het artikel, hiermee zeggen?

lees verder