Waar staat het werkwoord?

taalpraat-ikoon“Tot onze spijt moeten wij u mededelen dat u komt niet in aanmerking voor deze baan.” Stel u hebt gesolliciteerd en u krijgt een antwoord met daarin deze zin. Wat zou u dan denken? 

U zult begrijpen dat het hier niet om de baan of de mogelijke teleurstelling van de afwijzing gaat, maar om de taal. Om precies te zijn: het gaat om de plaats van de persoonsvorm komt.  Wat vindt u daarvan?

  • Misschien denkt u: “Die volgorde is niet mogelijk.”
  • Misschien denkt u dat die volgorde is niet mogelijk.
  • Misschien denkt u dat die volgorde niet mogelijk is.

Drie mogelijkheden. Bent u het ermee eens dat de tweede zin vreemd is? Toch lijkt die volgorde, die zo kenmerkend is voor Nederlandse bijzinnen, niet vanzelfsprekend meer. Ik werd hierop gewezen door mijn compagnon Tony Parr. Hij hoorde onlangs de volgende zinnen op Radio 1:

  • Kunt u uitleggen hoe werkt dat rekenmodel?
  • Ik heb begrepen dat ze eerst het onderzoek willen doen om te kijken waar komen die kunstwerken vandaan.

Interessant. Het lijkt erop dat de sprekers het fijner vinden om de persoonsvorm – werkt en komen – naar voren te halen en niet, zoals gebruikelijk in bijzinnen, aan het einde te zetten.

Als je erop gaat letten, hoor je deze volgorde vaker. Ik schrijf bewust ‘hoor’, want ik ben de zinnen nog niet in geschreven taal tegengekomen. Nog een paar voorbeelden die ik op 5 december in het tv-programma EenVandaag hoorde:

  • We weten nu helemaal niet hoe groot is het probleem.
  • Er moet gekeken worden wat zijn de risico’s voor mens en natuur.

Het doet mij denken aan het populaire zoiets van: “Dan heb ik zoiets van, dat kan toch niet!” Met die uitdrukking kun je er ook voor zorgen dat de persoonsvorm niet langer aan het einde hoeft te komen. Op die manier kun je bij wijze van spreken in hoofdzinnen praten. Dat is wel zo makkelijk.

Ook moest ik denken aan een grap die ik lang geleden hoorde, maar niet goed meer kan reproduceren. Het ging ongeveer als volgt: twee Amerikanen zijn in Duitsland. De ene spreekt Duits, de andere niet. Ze staan bij een Duitser die, in het Duits, een mop vertelt. De Amerikaan die geen Duits spreekt, heeft de ander gevraagd om de mop voor hem te vertalen. Maar het blijft stil. Op een gegeven moment is het geduld van de Amerikaan op en hij vraagt zijn Duitssprekende landgenoot: “Wat zegt hij nou?”. Die antwoordt: “Nog even wachten; het werkwoord moet nog komen!”

10 reacties op Waar staat het werkwoord?

  1. van den Bosch zegt

    In de gegeven voorbeelden is vaak sprake van een een foute volgorde in de bijzinnen: Het werkwoord staat verkeerd. Hieraan herken je dat het Nederlands niet de moedertaal is van de schrijver.

  2. annelies steenbrink zegt

    In de genoemde voorbeelden zou de volgorde correct zijn als de bijzijn na een dubbele punt kwam en tussen aanhalingstekens stond. Dus: Kunt u uitleggen: ” hoe werkt dat rekenmodel?”. Probleem is dan alleen dat je dat niet kunt horen… (kent iemand nog Victor Borge’s Phonetic Language?)

  3. Kalinka Schuurs zegt

    Volgens mij zijn de voorbeelden van Radio 1 en EenVandaag (1) niet helemaal te vergelijken met de reactie op de sollicitatie (2).

    1) Voorbeeld ‘Kunt u uitleggen hoe werkt dat rekenmodel?’
    Het gaat hier om een vraag die de spreker al in zijn hoofd had (‘Hoe werkt dat rekenmodel?’) en die hij opneemt in een andere zin. Aangezien hij de vraag niet omvormt naar een bijzin, moet er inderdaad interpunctie worden toegevoegd. In gesproken taal hoef je overigens geen Victor Borge-geluiden te produceren om die interpunctie uit te drukken (wel heel grappig!), maar gebruik je een pauze en een iets andere intonatie.

    2) Tot onze spijt moeten wij u mededelen dat u komt niet in aanmerking voor deze baan.
    Hier wordt een vervelende mededeling (‘U komt niet in aanmerking voor deze baan’) verzacht door een meelevende aanloop (‘Tot onze spijt moeten wij u mededelen dat’). Dit lijkt een zelfde soort constructie als 1), maar je kunt er met interpunctie geen grammaticaal correcte zin van maken. Dat komt door het woordje ‘dat’. Daarna hoort een bijzin te volgen. Dit probleem heb je niet bij de voorbeelden van 1).
    Misschien heeft de schrijver een bestaande brief aangepast of heeft hij een beetje zitten ‘rommelen’ om er een vriendelijke zin van te maken. Niet goed gelukt, helaas.

  4. Marga Greuter zegt

    Jammer, inversie is een mooie constructie. Of het buitenlandse invloeden zijn of pure gemakzucht, je hoort steeds meer mensen er een probleem mee hebben. Het verval zette definitief in met het vreselijke ‘Ik heb zoiets van…’ maar blijkbaar is dat nu ook al teveel. Overigens hoorde je altijd al mensen zeggen: Ik dacht hier is sprake van, ik dacht ik ga maar eens… Aan de andere kant, taal leeft, en het is wel interessant om dit soort ontwikkelingen te volgen.

  5. Klaas zegt

    Ik ben het met degene eens die opmerkt dat de voorbeelden van tv niet met de schriftelijke reactie te vergelijken zijn.

    Dit verschijnsel, dat zich al wat jaren voordoet, is vooral iets van gesproken taal; ik heb stellig de indruk, dat het de spreker er niet bewust om te doen is om een bijzin te maken, maar een soort van directere rede in te bouwen dan de indirecte rede.

    Je zou eigenlijk gevallen moeten proberen te vangen waarbij de pv in de bijzin door de OVT van de hoofdzin hoort te verschuiven (“hij beloofde dat hij komen zou”) – in die gevallen valt namelijk te onderzoeken of de spreker als het ware een indirecte rede aanplakt of misschien toch echt wel een bijzin van plan te maken was.

  6. Acer Tair zegt

    Ik ben het eens met wat Annelies zegt. Het schijnt dat de man van de radio zijn zin met aanhalingstekens en dubbeltekens in gedachte had, maar dat hij het anders interpreteerde. Het is ook logisch want in spreektaal spreken we die tekens niet uit. Natuurlijk hangt het nog af van zijn intonatie. Volgens mij is het niet echt dramatish als we dat doen bij spreektaal. Maar ik ga akkoord dat het bij schrijftaal verboden is.

  7. Pingback: Waar staat het werkwoord? « Acer Schrijft

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *